In duisternis
- 30 dagen retourgarantie
- Gratis verzending vanaf 4 boeken of 40 euro
- Alle boeken met zorg gecontroleerd
- Voor 15:00u besteld, dezelfde dag verzonden
Waar gaat het over?
Recensies
Hans • juli 16, 2025
Toevalligerwijs las ik “In duisternis” van Frans Coenen, verschenen in 1903, meteen na Emmanuel Boves debuut “Mijn vrienden”, uit 1924. Deze boeken vertonen in zoverre een opvallende overeenkomst, dat eenzaamheid, armoede en verdriet welig tieren. Exemplarisch is dat beide hoofdpersonen, bij wijze van toppunt van ellende, hun schamele woonruimte (dreigen te) verliezen, de huur van hun kamer opgezegd krijgen. Anders dan bij “Mijn vrienden” het geval is, verliezen de protagonist én de lezer van het boek van Coenen alle illusies: troosteloosheid, uitzichtloosheid, wanhoop, ze bepalen het armzalige bestaan van de door zijn vrouw verlaten, werkloze, in het boek slechts een enkele keer bij naam genoemde hoofdpersoon Caron (welke naam ook nog eens klankovereenkomst vertoont met Bâton, Bove zal “In duisternis” toch niet hebben gelezen?). Dat bestaan speelt zich, in de ene dag die het verhaal beslaat, voornamelijk op straat af, en het is in de beschrijving daarvan dat de auteur excelleert. In bepaald opzicht met name daarin, heel letterlijk: Coenen introduceert in dit verband een eigen term, ‘straatbuiten’, en ook wie het boek heden ten dage leest kan zich nog goed verbeelden rond te lopen in dat straatbuiten van begin twintigste eeuw, met al zijn (duistere…) beelden, zijn geluiden, zijn geuren. Tot besluit een ernstige waarschuwing voor wie mocht overwegen de tweede druk van “In duisternis” te gaan lezen, de Salamander-editie van 1981: vermijd iedere blik op de achterflaptekst tot het moment dat men het boek uit heeft. Hierin wordt namelijk al te veel van de afloop van het verhaal weggegeven.