De resten van een mens
- Voor klanten in België: door stakingen kan je pakket later aankomen.
- 30 dagen retourgarantie
- Gratis verzending vanaf 4 boeken of 40 euro
- Alle boeken met zorg gecontroleerd
- Voor 15:00u besteld, dezelfde dag verzonden
22,30
Waar gaat het over?
Recensies
Hans • september 29, 2025
In “De resten van een mens” vertelt Detlev van Heest hoe zijn leven is verlopen, na hetgeen hij lezers daaromtrent uit de doeken heeft gedaan in “Parkeren in Hilversum”. Dit eerdere werk, dat verscheen in januari 2024, werd door Maarten ’t Hart al getypeerd als een soort dagboek, en voor “De resten van een mens” geldt zulks eens te meer. Ook voor het onderhavige (dag)boek nu doen veel van de, positieve zowel als minder positieve, punten opgeld waarvan ik gewag maakte in mijn Goodreads-recensie van zijn voorganger. Ik noemde toen onder meer het hoge ‘reüniegehalte’ (vele bekenden uit eerdere boeken en uit literaire kring die hun opwachting maken), het jammerlijke gebrek aan een personenregister, de inconsequentie in het gebruik van echte namen dan wel pseudoniemen, de vaagheid over de jaren waarin een en ander zich afspeelt, de soms gortdroge humor waarmee het verhaal is doorspekt, enz. De toekomstige lezer van het vervolg van Van Heests levensverhaal zij overigens gewaarschuwd: het aan dit boek te ontlenen genoegen wordt aanmerkelijk vergroot door kennis van zaken met betrekking tot het vroegere werk van de auteur, ontbreekt die dan zal men zich veelvuldig afvragen wie dat nu weer is die men in het boek tegenkomt of wie wie ook alweer was (en, zoals gezegd, ook ditmaal ontbreekt een register waarin dat zou kunnen worden opgezocht). In één opzicht is mijn recensie van Van Heests vorige boek, gelukkig!, niet van toepassing. Waar de schrijver naar mijn idee “Parkeren in Hilversum” bijna letterlijk bij de beesten af om zeep hielp door een paar sprekende, denkende, lezende, brieven en briefkaarten schrijvende katten ten tonele te voeren, die van hemzelf en die van het echtpaar Han en Lousje Voskuil, onthoudt hij zich daarvan in “De resten van een mens”. Weliswaar zijn ook nu de huisdieren in kwestie nadrukkelijk aanwezig –behalve Lousje en Detlev zelf toont ook Emma Paulides, een vrouw op leeftijd met wie parkeerwacht Van Heest een geregeld contact ontwikkelt en die in het boek zo’n belangrijke plaats inneemt dat haar beeltenis op de omslag prijkt, zich bezeten van katten–, maar de gekkigheid blijft beperkt tot een enkele kaart die Lousje bij een bezoek aan Detlev namens haar huisdier meeneemt voor het zijne. Al met al geen reden voor een of meer min- of strafpunten bij mijn waardering in een aantal sterren. “De resten van een mens” kent een drietal telkens terugkerende thema’s: Van Heests werkzaamheden als parkeerwacht in Hilversum, familiebezoek in Duitsland en zijn al dan niet vriendschappelijke contacten met enkele vrouwen. Behalve om Lousje Voskuil gaat het hierbij om bovengenoemde Emma Paulides, wier dochter in 1984 slachtoffer werd van het misdrijf dat bekend werd als de Zaanse paskamermoord, en om Carmen Hummer, de ex- of a.s. ex-partner van ene Ben Hummer – een pseudoniem waarachter voormalig nieuwslezer Fred Emmer schuilgaat (hetgeen niet al te moeilijk te achterhalen is, zo min als de ware identiteit, Pieter Broertjes, van de Hilversumse burgemeester Neefjes). Deze, en andere, vrouwen leuteren wat af tegen de dagboekschrijver, wat wordt weergegeven in niet zelden vermakelijke dialogen. Daarbij is sprake van nogal wat herhaling, en ook in ruimer verband is het in “De resten van een mens” af en toe veel van hetzelfde wat Van Heest heeft opgetekend. Te denken valt hierbij evenzeer aan hetgeen hij als parkeerwacht te stellen heeft met de vele automobilisten die een bon van hem dreigen te krijgen of al hebben gekregen, als aan zijn dagelijkse contacten met directe collega’s en met zijn compleet disfunctionerende leidinggevenden (van wie er een heel treffend wordt opgevoerd met een royaal gebruik van, ‘zeg maar’, stopwoorden). Mij verveelde zulk een herhaling evenwel allerminst, wat mag worden opgevat als een serieuze verdienste van Van Heests vertelkunst. Hij perfectioneert zijn Voskuiliaanse aanpak en optiek nog wat verder, ook voor wat betreft sommige inhoudelijke kwesties. Zo wordt Lousje naarmate het boek vordert meer en meer getypeerd op een wijze die doet denken aan Voskuils beschrijvingen van het wel en wee van zijn dementerende schoonmoeder. En tevens treft men in “De resten van een mens” diverse passages aan waaruit Lousjes licht ontvlambare en verongelijkte karakter naar voren komt, bijvoorbeeld naar aanleiding van onderlinge afspraken die niet volledig overeenkomstig haar wens zijn verlopen, in welke passages vrij duidelijk de echo klinkt van de stem van haar overleden echtgenoot. In zulke dingen manifesteert Van Heest zich ten voeten uit als de epigoon die hij van meet af aan heet te zijn. Dat is hij niet, althans niet letterlijk ten voeten uit, op een ander punt waarin hij zijn grote voorbeeld navolgt: de kleding van wijlen Han Voskuil. Detlev loopt namelijk rond in een jas en een boxershort die door Han zijn gedragen. Erfstukken? Een beetje gênant komt dat langzamerhand toch wel over, zelfs bij deze lezer.